Eén doop

Torben Søndergaard is een Deense evangelist die een nieuwe reformatie propageert. De nieuwe leer van deze reformatie lijkt zich te verspreiden zich doormiddel van ‘het vuur van de geest,’ al dan niet geïmparteerd tijdens een doop.

De Bijbel zegt dat ieder die gelooft en zich laat dopen behouden zal worden. (Mark 16.16). Naast het belijden van de Naam van Jezus, maakt dit de doop tot een belangrijk element in het publieke getuigenis van de gelovige. Ook is het een zinnebeeld van het afleggen van ons oude leven, begraven worden en weer opstaan als nieuwe schepping met de Here Jezus. Johannes de doper doopte met water als uiterlijk getuigenis van bekering. Hij zei dat Degene die na hem kwam, zou dopen met de Heilige Geest en met vuur. (Matt 3.11) Betekent dit dat er nog een andere doop is dan een doop met water, zoals een doop met de Heilige Geest of met vuur?

Sommige christenen geloven dat om God echt te kunnen dienen (maar bovenal ook wonderen en tekenen te kunnen doen ‘als Jezus,’) ze een doop met de Heilige Geest dienen te ondergaan. Op verschillende manieren lijkt deze doop met de geest te concurreren met de waterdoop. Voorbeelden hiervan zijn a. soaking, waarbij het letterlijke water wordt vervangen door een symbolische onderdompeling in de geest. b. zgn. ‘fire tunnels‘, waarbij doopwater wordt vervangen door kundalinivuur c. een impartatie met de geest door handoplegging, als onderdeel van, of in plaats van de waterdoop.

In Efeze 4.1-6 leert de apostel Paulus echter dat er één Heer, één geloof en één doop is. Een doop in de geest of een doop met vuur valt hiermee af.

Opmerkelijk genoeg lijkt de handoplegging om de Heilige Geest te ontvangen vaak treffend Shaktipat of op een exorcistische oefening. Zo is de gelijkenis tussen de handoplegging door Paus Francis II op gehandicapte Angelo in het Vaticaan en de handoplegging van Søndergaard bij een dopeling, treffend. Opmerkelijk is hoe Angelo’s kalme, vragende blik plaats maakt voor een soort doodsangst. Naar eigen zeggen zou de paus op dat moment vier demonen uit de jongen hebben gedreven.

En Hij zei tegen de discipelen: Het is onmogelijk dat er geen struikelblokken komen, maar wee hem door wie deze komen. Het zou voor hem nuttiger zijn als hem een molensteen om zijn hals was gedaan en hij in de zee was geworpen dan dat hij één van deze kleinen zou doen struikelen. Lukas 17.1,2

Foto’s, van boven naar beneden: 1. doop met de ‘Heilige Geest’ door Torben Søndergaard bij de waterdoop. 2. vuurdoop van tieners in een fire tunnel, met Todd White 3. exorcisme door paus Francis II

Healing Rooms

Healing Rooms is een instelling waar mensen met een breed spectrum aan klachten kunnen zich aanmelden voor genezend gebed en wachten hiervoor in een ruimte waar veelal muziek klinkt of live liederen worden gezongen. Wanneer de lichamelijk zieke of emotioneel belaste hulpvrager de ruimte betreedt, wordt er met olie gezalfd en gebeden door verschillende mensen (soms kinderen)1 die hiervoor een cursus hebben gevolgd. Dit is dus anders dan de door God ingestelde orde, namelijk ‘Is iemand onder u ziek? Laat hij dan de ouderlingen van de gemeente bij zich roepen en laten die voor hem bidden en hem met olie zalven in de Naam van de Heere.’ (Jak 5.14) Ook de censuur die de Bijbel instelt voor degene die bidt (namelijk de censuur die voor oudsten geldt) valt daarmee weg.

Wereldwijd schieten de Healing Rooms in rap tempo de grond uit en anno 2020 zijn er meer dan 3000 van deze plekken in 76 landen2 waar men genezing kan vinden voor geest, ziel en lichaam. Het concept is niet uniek voor binnen de kerk. Ook onder alternatief genezers zijn er die holistische healingrooms hebben en al in de Griekse oudheid bestond er zoiets als een Asklepeion; een tempelcomplex met genezingskamers waar mensen naar toe kwamen voor genezing van lichaam en ziel. In Pergamum stond zo’n tempel, gewijd aan de godheid Asklepios, die ook wel soter of redder wordt genoemd. Het heiligdom dat ‘werd opgericht rond een heilige bron die nog steeds vloeit’ straalde sereniteit uit. ‘Patiënten benaderden de healingtempel door de Heilige Weg, een pad waarmee hun reis naar gezondheid begon. Een ondergrondse passage leidde daar naar toe, zodat de patiënten over treden in een tunnel afdaalden: kamertjes bevonden zich aan weerszijden van de passage en patiënten brachten daar de nacht door.’3 Er zijn aanwijzingen dat ook het bad van Bethesda in de Bijbel onderdeel was van een tempelcomplex van deze genezer en redder Asklepios..4 Het borrelende water wat helend zou werken zou daarmee niet het toedoen zijn van God, maar die van de afgod van de Grieken. Een christelijk schrijver uit de tweede eeuw na Christus stelt: ‘Als de duivel Asklepios naar voren schuift als de opwekker van de doden en de genezer van alle ziekte, zal ik dan niet zeggen dat hij op deze manier de profetieën over Christus heeft geïmiteerd? 5

De huidige Healing Room en variant op genezingstempels vindt haar oorsprong in de Divine Healing Parlors die John G. Lake een eeuw geleden in de vrijmetselaarsloge op 340 Rookery Building in Spokane in de VS startte.6 Cal Pierce, die de bediening van de tegenwoordige Healing Rooms leidt, was oudste van megakerk Bethel Redding in Californië. Hij laat weten dat hij met meer dan honderd bidders langer dan een jaar het graf van John G. Lake bezocht en er bad totdat hij van God door een visioen hoorde dat hij de genezingsbediening opnieuw moest starten, precies op de oorspronkelijke locatie.7 Hij werd geroepen om ‘de genezende bron die John G. Lake groef op te graven’ en die te vullen met ‘fris puur water zodat allen kunnen komen en er van kunnen drinken.’ 8 Een opmerkelijke uitspraak voor iemand die christen pretendeert te zijn en daarmee zou geloven dat Jezus de Bron van Levend water is waar ieder van kan drinken. De eerste Healing Room werd in 1999 een feit.

Lakes leer wordt door velen gezien als een voorloper van Word of Faith leer. Dit blijkt onder andere uit de bijzondere kijk die hij had op genezing. Zo schrijft Lake: ‘Het brengt Jezus Christus geen eer als we bezeten zijn door ziekte. We willen geen ziekte. We willen goden zijn.’ 9 De komst van Jezus op aarde was volgens hem dan ook niet om mensen te verzoenen met de Vader, maar hen te laten zien hoe ze zelf God konden worden. ‘Gods doel door Jezus Christus is de menselijke natuur te vergoddelijken. Hierdoor wordt hij de Zoon van God, een Redder en verlosser voor eeuwig.’10 En ergens anders: ‘dat is het doel van Jezus, om een mens te nemen en er een Christus van te maken.’11 Het worden van een christus werd volgens Lake bereikt door het bereiken van een godsbewustzijn, het ‘scheppen van de hoogste graad van bewustzijn van God in de ziel van de mens.’ Hoewel Lake meer dan een eeuw geleden leefde, wordt zijn werk graag aangehaald door Word of Faith leraren als Bill Johnson en John Wimber. Net als New Age volgelingen geloofde ook Lake dat Jezus een letterlijk te kopiëren blauwdruk is. ‘Dus de echte christen zou de meest koninklijke mens op aarde moeten zijn, de meest prinselijke mens op de hele aarde – zo koninklijk en prinselijk en lieflijk en heilig als de Zoon van God. Zo groot als Jezus, met de kracht van Jezus en de liefde van Jezus.’ 12 ‘Ik wil dat je hoort wat Jezus over zichzelf zei. God was in Christus, toch? Een incarnatie. God is in jou, een incarnatie, als je wedergeboren bent. Je bent geïncarneerd.’13 ‘Gods doel voor de mens is hem te transformeren tot de aard van God. Jezus zei: ‘Ik zei, jullie zijn goden.’14

Dit geloof dat mensen de aard van Jezus kunnen aannemen is wat de basis vormde voor wat Lake ‘goddelijke Genezingstechnieken’ noemde. Hij stelt: ‘Iedereen, elke christelijke ziel, werd door Jezus aangesteld om de zieken en zondaars te genezen van ziekte en zonde.’15 [!] ‘Goddelijke Genezing is de specifieke fase van bediening waarin de moderne kerk in het niet valt vergeleken bij de vroege kerk. Dit falen komt door een tekort aan kennis over de ware aard en het ware proces van christelijke genezing. Het bovengenoemde voorbeeld onthult het geheim van wat die kracht was, hoe de kracht werkte en door welke wet die werd overgedragen van de discipel naar degene die de zegen nodig had. De kracht was de Heilige Geest van God, zowel in Jezus Christus na Zijn doop in de Heilige Geest als ook in de discipelen nadat de doop van de Heilige Geest op hen kwam op de pinksterdag. Het [de Heilige Geest!] vloeide door de handen van Jezus naar de zieken, het doordrenkte de klederen die Hij droeg.’16

Dagelijks zou Lake honderden mensen de handen opleggen in zijn ‘goddelijke Healing Rooms.’ Hij geloofde dat zieken werden genezen door de impartatie van ‘Gods Geest’ zoals Jezus ook ‘Gods Geest’ zou hebben geïmparteerd door handoplegging17 waardoor de lichaamscellen van de zieke met een enorme positieve energie werden opgeladen. Hij stelde: ‘Goddelijke genezing is een deel van de Geest van God, overgedragen door de geest van de mens.’ ‘De Geest van God in de persoon van een mens produceert een chemische wisselwerking. Soms golven er vlagen van hitte over het individu wanneer handen op hem worden gelegd en de Geest van God aan hen wordt overgedragen. Mensen zullen soms in paars zweet uitbarsten, zo enorm is de chemische wisselwerking die vanbinnen plaats vindt.’18 Dit klinkt exact als de manier waarop goeroes hun volgelingen imparteren heeft meer weg van magie dan wat dan ook.

Wie door Lakes lezingen heen leest, ontmoet een man die erg gevoelig is voor indrukwekkende dingen, macht en kracht. Geregeld haalt hij het woord ‘heerschappij’ aan; een ervaring die hij krijgt wanneer de geest door hem heen werkt. Het is de geest die hem het gevoel geeft God te zijn. ‘De kracht van God, de Heilige Geest, is de Geest van Heerschappij. Het maakt iemand een god. Het maakt dat iemand niet onderhevig is aan de krachten van de wereld, of het vlees, of de duivel. Die dingen zijn onder de voeten van de christen. Johannes zei: ‘geliefden, nu zijn jullie zonen van God.’19

Voor flink wat geld worden cursussen in goddelijke genezing – Divine Healing Technician Training Course – verkocht waarin John G. Lakes technieken worden aangeleerd aan ieder die dit wil. Dit druist in tegen het karakter van God die genezing en gaven om niet geeft. In alles doet de bediening van John G. Lake denken aan die van Simon de tovenaar die ‘de kracht’ wilde kopen en wilde gebruiken om zelf god te kunnen zijn. Maar God kiest soeverein door wie Hij heen wil werken voor genezing, en wanneer. Waar een geest overdrachtelijk is door handoplegging en een kracht door een cursus, gaat het per definitie niet om Gods werk.  ‘En toen Simon zag dat de Heilige Geest gegeven werd door middel van de handoplegging van de apostelen, bood hij hun geld aan, en zei: Geef ook mij deze macht, opdat eenieder wie ik de handen opleg, de Heilige Geest ontvangt. Maar Petrus zei tegen hem: Laat uw geld met u naar het verderf gaan, omdat u dacht dat Gods gave door geld verkregen wordt! (Hand 8.18-20) 

Foto’s: John G. Lake adverteert wonderlijke genezingskracht (links) en genezingsbijeenkomsten in de vrijmetselaarsloge.

Impartatie

Impartatie is een term die in oosterse religies wordt gebruikt voor het overdragen van speciale gaven of krachten van een goeroe op diens volgeling. Ook in de kerk duikt deze term op, soms onder de naam ‘vallen in de geest.’

Hoewel het fenomeen niet in de Bijbel wordt vermeld of beschreven als uiterlijke bevestiging van een vervulling van gelovigen met de Heilige Geest, is dit wel de heersende gedachte in sommige kringen. Er wordt daarbij gesuggereerd dat een impartatie een daadwerkelijke aanraking is van Gods Geest en een vereiste voor het leven als christen. Dit geeft veel christenen onterecht het gevoel dat hen iets mankeert, terwijl legio christenen die krachtig gebruikt zijn in Gods Koninkrijk nooit notie hebben gemaakt van een dergelijke ervaring. De ervaring van het vallen in de geest wordt door hen verward met het vervuld zijn met de Heilige Geest.

Wat is impartatie of vallen in de geest? Een zogenaamd gezalfd persoon in de vorm van bijvoorbeeld een leider of spreker legt een ander de handen op, zodat deze persoon overweldigd door de geest krachteloos achterover op de grond valt. Andere keren wordt door hen ‘BAM,’ of ‘vúúr!’ geroepen of met bijvoorbeeld een colbert gezwaaid, waarna de menigte mensen achterover valt. De gevallenen zijn nu gezalfd. De meeste vallers raken even buiten bewustzijn om verder niets te merken en in ontspannen toestand op de vloer te blijven liggen, vanwaar de bijnaam ‘rusten in de geest’ of ‘tapijttijd.’ Weer anderen bewegen zich ongecontroleerd tollend of stuiptrekkend over de grond. Soms gaat de ervaring zelfs gepaard met een dierlijk brullen en blaffen, kronkelen, schudden, onverstaanbare en niet vertaalde tongentaal, visioenen zien of openbaringen krijgen.

In een poging om het vallen in de geest als zijnde een positief bijbels fenomeen te onderbouwen, worden teksten uit het Oude Testament aangehaald waarin mensen zich met hun aangezicht op de grond neerwerpen voor God. In al die gevallen gaat het echter om een handeling vanuit die mensen zelf en gaat het op geen enkele manier om God of Gods Geest die op hen valt. Het op knieën en aangezicht neervallen is een uiting van diep respect, aanbidding en vrijwillige onderwerping die in veel culturen nog steeds gangbaar is. In Lukas 5.12-16 kun je lezen over een melaatse die zich op dezelfde manier smekend op zijn aangezicht werpt voor de Here Jezus. Het is duidelijk dat de man nog bij zijn volle bewustzijn is als hij dit doet, omdat hij met Jezus in gesprek is. Het jezelf bewust voorover ter aarde werpen is dus op geen enkele manier te vergelijken met het krachteloos achterover vallen dat plaatsvindt bij het vallen in de geest.

Ook wordt de ervaring van ‘vallen in de geest’ soms verward met het handen opleggen dat door de apostelen werd gedaan. Zo wordt in Handelingen 8 en 19 beschreven hoe pasgelovigen door de apostelen de handen werd opgelegd voor ze met de Heilige Geest werden vervuld. Maar handen opleggen wordt in de Bijbel gedaan om zegenend te bidden of om door God gegeven gezag over te dragen. Nadat Jozua door God werd aangewezen als Mozes’ opvolger bijvoorbeeld, legde Mozes hem de handen op om hem zijn gezag over te dragen. Jozua werd vervuld met de geest van wijsheid omdat Mozes hem de handen op had gelegd. Hierdoor kon Jozua met gezag spreken en handelen. (Num 27.15-23, Deut 34.9) Jozua werd niet door Mozes op zijn voorhoofd aangeraakt om een bepaalde kracht of gave overgedragen te krijgen, zoals dit met de overdracht van occulte gaven door goeroes het geval is. Er wordt dan ook niet beschreven dat Jozua tegen de grond sloeg of dronken werd nadat Mozes hem aanraakte. Lukas beschrijft dat de Heilige Geest op de christenen viel met wie was gebeden en dat zij de Heilige Geest ontvingen door het opleggen van de handen van de apostelen, zoals destijds ook bij Jozua. Het is goed om te beseffen dat er staat dat de Geest -afhankelijk van de vertaling- op hen viel of over hen kwam. Ofwel, de Geest viel, en niet de gelovigen!

Dit vallen ván de Geest gebeurde vaak kort na het tot geloof komen en het gedoopt worden, maar vond alleen plaats bij gelovigen in Jezus. Niet bij omstanders. Journalist Mick Brown vertelt dat hij in Toronto in een samenkomst van Vineyard was toen mensen daar in de geest begonnen te vallen. Mick was er in zijn functie als journalist aanwezig, maar is zelf geen christen. Hij vertelt wat er gebeurde toen hem ineens een hand tegen zijn voorhoofd werd gelegd: ‘Ik voelde een tastbare schok door mij heen gaan en viel toen achterover, alsof mijn benen onder mij uit werden geschopt. Ik sloeg tegen de vloer – ik zweer je de waarheid – krom van het lachen.’1 Mick werd niet overtuigd van zonde, kwam niet tot geloof in de waarheid en is voor zover bekend nooit christen geworden.

In het boek Kundalini waarschuwing beschrijft christen Andrew Strom een treffende gelijkenis tussen de manier waarop  ‘het vuur van de Heilige Geest’ zou worden geïmparteerd door gezalfde kerkleiders en de manier waarop goeroes uit oosterse religies het kundalinivuur aan hun volgelingen overdragen. In beide gevallen wordt de begenadigde op het voorhoofd aangeraakt, waarna deze plotseling uiting geeft van een geest die in hen een verlicht bewustzijn teweeg brengt en die vaak bovennatuurlijke gaven uitwerkt. In het hindoeïsme staat dit fenomeen bekend als Shaktipat. Een voormalig discipel van een Shaktipat goeroe beschrijft hoe diens volgelingen zich na zo’n handoplegging begonnen te gedragen. ‘Uitingen behelsden onbeheersbaar lachen, brullen, blaffen, huilen, schudden, etc. Sommige aanbidders werden stil of bewusteloos. Velen voelden zichzelf doordrenkt worden met gevoelens van enorme vreugde en vrede en liefde.’2

De uitingen die door deze discipel worden beschreven zijn het typisch gevolg van wat onder hindoes het ontwaken van Kundalini en onder New Agers het ontwaken van een christusbewustzijn of het ontwaken van het ‘ware zelf’ wordt genoemd. Een spirituele verlichting die onder andere door aanraking van het voorhoofd in gang wordt gezet en waardoor bovennatuurlijke kracht wordt overgedragen. Uitingen van dit ontwaakte bewustzijn van het ‘ware zelf’ worden als volgt beschreven door goeroe Shri Yogãnandji Mahãrãja: ‘Wanneer je lichaam begint te trillen, je haar rechtop staat, je begint te lachen of begint te huilen zonder dat je het wenst, je tong misvormde geluiden begint te prevelen.. of je beangstigende visioenen begint te zien.. weet dat de Kundalini shakti is geactiveerd.. als bij het lopen je stappen majestueus of zoals bij dronkenschap falen, en je niet in staat bent iets anders te doen, en je graag stil blijft en het niet fijn vindt om te praten of anderen aan te horen, en je het gevoel hebt dronken te zijn van goddelijkheid, weet dan dat.. Kundalini, de kracht van Zelf, is geactiveerd.’3 Hoewel ook spirituele oefeningen als yoga een Kundalini ontwaken teweeg zouden brengen, is de snelste manier om tot dit ontwaakte christusbewustzijn te komen is door impartatie, oftwel Shaktipat.

Het gevoel van dronkenschap, onder invloed zijn, tegen de grond vallen, onbeheersbaar lachen, stuipen, huilen, schudden, misvormende geluiden spreken, stil of bewusteloos worden is dus een typisch gevolg van een ontwaakt godsbewustzijn dat ook door New Agers wordt nagestreefd en veel weg heeft van uitingen van de geest die door Toronto en in toenemende mate ook door Nederlandse kerken waait. Maar wie is deze Kundalinigeest en wat doet het? ‘Volgens hindoeïstische yogaleer, [is het] geestelijke energie aan de basis van de ruggenwervel, in de vorm van een slang (Hindoe godin Shakti), die opstijging naar het brein nastreeft om een psychoseksuele vereniging met de Hindoe god Shiva te vormen die resulteert in ‘verlichting.’4 De naam Shaktipat verwijst dan ook naar de afgod Shakti door en met wie een vereniging optreedt. Men gelooft dat mensen door deze verlichting verenigd worden met het goddelijke. Dit is iets anders dan verzoend worden met God door het verlossingswerk van Jezus.

De beschreven verlichting is een on-Bijbels proces dat een diepgaande transformatie van de persoonlijkheid5 teweegbrengt. In New Age kringen wordt dit het bereiken van de hoogste staat van bewustzijn, christusbewustzijn, genoemd.

Foto’s: impartaties onder hindoes en charismatici